DienstverleningSociale wetgevingBeroepsziektenOver OHC

september 2004

Wijziging Schattingsbesluit per 1 oktober 2004

 

Het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten wordt per 1 oktober a.s. gewijzigd. Op de website van het ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid is de wijziging inclusief toelichting te lezen. Vanaf 1 oktober zullen alle WAO keuringen volgens dit nieuwe beschattingsbesluit worden uitgevoerd. Hierdoor zullen meer dan 100.000 WAO-ers geconfronteerd worden met verlaging of verlies van de WAO uitkering. Voor werkgevers ontstaat, indien dit een (ex)werknemer betreft, een financieel voordeel doordat de gedifferentieerde premie (de Pemba boete) in dat geval lager uitvalt. Met de Pemba wet hebben werkgevers de verantwoordelijkheid gekregen voor de eerste vijf jaar arbeidsongeschiktheid van een werknemer.

Wat is het Schattingsbesluit?

Voor de toepassing van de verschillende wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen is het van belang vast te stellen in hoeverre een zieke werknemer of een jonggehandicapte arbeidsongeschikt is. Het Schattingsbesluit vormt de grondslag voor de WAO keuring, die bestaat uit een medische en een arbeidsdeskundige beoordeling op grond van het arbeidsongeschiktheidscriterium.

Historie

Een algemene definitie van het arbeidsongeschiktheidscriterium is vastgelegd in de WAO en de Wajong. Tot 1994 was het vaststellen van de mate van arbeidsongeschiktheid in grote mate afhankelijk van het professionele oordeel van de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige. In 1993 zijn in de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling verschillende wijzigingen doorgevoerd. Vanaf dat moment is de focus komen te liggen op de resterende verdiencapaciteit van de zieke werknemer. De arbeidskundige aspecten van het gewijzigde arbeidsongeschiktheidscriterium zijn vervolgens verwerkt in het Schattingsbesluit van 1994. De medische kant van het arbeidsongeschiktheidscriterium is in het Schattingsbesluit toen niet geregeld.

Inmiddels zijn ook voor de medische beoordelingspraktijk standaarden en richtlijnen opgesteld. Twee daarvan zijn cruciaal. De eerste richtlijn, de standaard ‘geen duurzaam benutbare mogelijkheden’ (GDBM) van 1 april 1996 heeft als hoofdregel dat het medisch onderzoek door de verzekeringsgeneeskundige in principe altijd gevolgd dient te worden door een arbeidsdeskundig onderzoek naar de arbeidsmogelijkheden. Alleen als de ernst van de klachten zelfstandig functioneren onmogelijk maakt (in dat geval is er sprake van GDBM), kan het arbeidsdeskundig onderzoek achterwege blijven. De tweede essentiële richtlijn ‘medisch arbeidsongeschiktheidscriterium’(MAOC) is sinds september 1996 in gebruik. Deze richtlijn beschrijft het doel van het verzekeringsgeneeskundig onderzoek en de werkwijze. Een belangrijk kenmerk van deze werkwijze is het uitgangspunt dat de mogelijkheden die betrokkene nog heeft om een arbeidsrol te vervullen, centraal staat. Voor de werkwijze is het verder essentieel dat de beoordeling toetsbaar moet zijn, reproduceerbaar en consistent.

Het Schattingsbesluit heeft een wettelijke status om de rechtszekerheid te bevorderen en om een zo groot mogelijke uniformiteit in de uitvoering ervan te garanderen. Het laatste Schattingsbesluit dateert van 26 juli 2000.

Wijziging van het Schattingsbesluit per 1 oktober 2004

Onderdeel van de nieuwe WAO wetgeving is aanpassing van het Schattingsbesluit per 1 oktober 2004. Het activeringsbeleid van het kabinet is erop gericht om alle arbeidsongeschikten te herbeoordelen volgens strengere criteria. De focus ligt daarbij op arbeidsgeschiktheid in plaats van arbeidsongeschiktheid. De herbeoordelingsoperatie heeft alleen betrekking op arbeidsongeschikten jonger dan 55 jaar (op 1 juli 2004) die niet onder eerder overgangsrecht vallen. Bovendien wordt de systematiek van de wettelijke herbeoordelingen (na 1 en 5 jaar na aanvang van de WAO uitkering) losgelaten. De totale herbeoordelingsoperatie duurt naar schatting 2,5 jaar.

Aanpassing van medische en arbeidskundige criteria levert in de praktijk vermindering van uitkeringsrechten op. Meer dan 100.000 personen zullen naar schatting hun WAO uitkering verliezen of bij herbeoordeling in een lagere arbeidsongeschiktheidsklasse terechtkomen. Vermoedelijk heeft daarvan maar een deel daadwerkelijk perspectief op reïntegratie. Terugval in een lager percentage arbeidsongeschiktheid zal in de praktijk leiden tot een achteruitgang in het inkomen. Degenen die de resterende verdiencapaciteit niet kunnen invullen door het vinden van werk, zullen in de meeste gevallen recht krijgen op een WW uitkering. Na afloop van de (tijdelijke) WW uitkering komen zij, als aan de voorwaarden wordt voldaan, in aanmerking voor een IOAW- of een bijstandsuitkering. De bijstandsuitkering kent echter wel een partnertoets.

Wilt u meer weten? Tijdens onze workshop ‘Sociale Zekerheid Actueel’ praten wij u graag bij.

nieuws help

Copyright © 2003-2011 Occupational Health Consultancy bv | contact | privacy statement | disclaimer